Nnof, Transmoove en Nnofcare willen niet alleen voorlopers zijn op het vlak van circulaire economie, we hebben ons ook geëngageerd om de SDG-doelstellingen van de Verenigde Naties actief te ondersteunen.

De Sustainable Development Goals (SDG) of Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen werden in 2015 door de Verenigde Naties goedgekeurd. Ze hebben tot doel om tegen 2030 de armoede te bannen, de ongelijkheid te bestrijden en de klimaatverandering aan te pakken.

Bedrijven die het goed voorhebben met de wereld en de maatschappij kunnen hiertoe bijdragen door acties te ontwikkelen. Wie in een periode van vijf jaar drie keer positief wordt geëvalueerd, ontvangt het internationale certificaat van de VN en wordt bekroond tot SDG Pioneer. In ons land gebeurt de opvolging door VOKA, UWE en VOB.

De Nnof-bedrijven kregen deze erkenning al. We zetten daartoe in op een hele reeks SDG’s. Het gaat onder meer om SDG 12 (verantwoorde consumptie en productie). Dat doen we door voor al onze zitmeubelen niet alleen gerecupereerde meubelplaten te gebruiken, maar ook door het vervoer te groeperen en een brandstof te gebruiken waarvan het effect op het milieu lager is dan gebruikelijk.

Verder ondersteunen we SDG 10 (ongelijkheid verminderen). Dat doen we onder meer door samen te werken met een sociale werkplaats, waarbij we dagelijks mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt inzetten.

En ook SDG 15 (leven op het land) kan op ons rekenen. Zo helpen we klanten graag bij de keuze voor biodiversiteit bij de heraanleg van hun buiteninfrastructuur.

Ook de mode ontsnapt niet aan de trend tot hergebruik, al spreekt de sector liever van upcycling.

De Italiaanse ontwerper Giorgio Armani noemde begin dit jaar het ritme waarin nieuwe collecties worden gelanceerd crimineel. Het houdt het tempo waarin kleding veroudert erg hoog en het zorgt voor overstocks.

Zijn signaal wordt opgepikt. Zelfs door een luxefabrikant als Louis Vuitton. De herencollectie voorjaar-zomer 2021 telt 25 ontwerpen die vertrekken van oude kledij, die ‘upcycling’ ondergaan.

Ook kleinere producenten doen mee. Het Belgische Shake & Kai maakt kleding die voor 50% bestaat uit gerecycleerde katoen en voor de overige 50% uit polyester van gebruikte plastic flessen.

Bedrijven en organisaties die op zoek zijn naar materiaal om hun werknemers te beschermen tegen het coronavirus kunnen ook terecht in de webshop van Nnof.

Onder de rubriek ‘physical distancing’ vindt u schermen die u tussen de diverse werkposten kan plaatsen om de overdracht van het virus te belemmeren.

Het aanbod is ruim. Er zijn zowel stijlvolle doorzichtige schermen in glas of plexi als niet-doorzichtige PVC-hoezen en panelen in HPL-laminaat. De producten, die we onder de naam Mrs Protective bundelen, zijn leverbaar binnen de veertien werkdagen.

De coronapandemie versnelt de omschakeling naar een circulaire economie. Steeds meer ondernemers zijn er zich van bewust dat ze zuinig moeten zijn met grondstoffen, blijkt uit de resultaten van een bevraging van de werkgeversorganisatie Etion en het socialedienstenbedrijf Acerta.
85% van de ondervraagde ondernemers noemt duurzaamheid het nieuwe normaal in hun bedrijfsvoering. Ze vertalen dit dan doorgaans in het vermijden van afval (93,9%), het inzetten op telewerk (83,7%), duurzaamheidscriteria bij aankopen (81,2%) en een lager gebruik van grondstoffen en materialen (80,0%). Hergebruik en recyclage van materialen wordt nog door 73,6% van de ondervraagden genoemd.

Bijna zes op de tien (59,1%) bedrijfsleiders gaan ervan uit dat de coronapandemie de omschakeling naar een circulaire economie een extra duw in de rug geeft. “Een crisis verscherpt vaak de richting én de snelheid van economische trends. Never waste a good crisis, is niet zomaar een gezegde. Het is minstens een uitnodiging en eigenlijk een opdracht. Meer dan de helft van onze bedrijfsleiders heeft begrepen dat het nu voor de transitie naar een circulaire economie een kantelpunt kan zijn”, laat hoofdeconoom Geert Janssens van Etion optekenen.

Die inschatting is niet alleen van belang om up-to-date te zijn in de productie, maar ook voor het aantrekken van gekwalificeerde werknemers. “Bijna zes op de tien respondenten in ons onderzoek geven aan dat sollicitanten steeds nadrukkelijker vragen naar de bedrijfsvisie over duurzaamheid en circulariteit”, vult directeur Tom Vlieghe van het Talent Center van Acerta aan.

De stad Leuven legt alvast eisen op het vlak van duurzaamheid op als ze gadgets of relatiegeschenken aankoopt.

De ambitie om het milieu en het klimaat te sparen, begint met kleine dingen.

De geschenken die de stad Leuven aankoopt, moeten herbruikbaar zijn, gemaakt zijn uit grondstoffen die werden gerecycleerd en/of een lage CO2-voetafdruk hebben. Bij voorkeur moeten ze ook lokaal zijn geproduceerd en liefst dan nog door een sociaal bedrijf of met een fairtradelabel.

Op die manier wil Leuven komaf maken met relatiegeschenken die in een kast of in de vuilnisbak belanden.

Weet u niet goed wat u moet aanvangen met uw oude stoelen? Misschien kunt u zich laten inspireren door de Facebook-pagina van Jamy Ivens uit Lokeren. Als wielerfan beschilderde hij ze in de kleuren van oude wielertenues.

Een bruin-zwart-witte stoel van Molteni? Een wit-bordeaux-exemplaar van Faema? Een geel-blauwe van IJsboerke?
De retrostoelen spreken liefhebbers van de koers zeker aan.

Ivens kwam op het idee toen hij oude caféstoelen op de kop kon tikken. Hij combineerde daarbij zijn passie met zijn opleiding als schilder-decorateur.

Misschien zet het u aan het denken en kan dit worden gecombineerd met de expertise van Nnof. Ze zijn het gewoon oud kantoormeubilair een nieuw leven te geven.

De producent van technische oplossingen ERIKS verhuisde één van zijn vestigingen van Jumet naar Gosselies. De begeleiding werd verzorgd door Nnof en Transmoove, bedreven in het ontwerp en de uitvoering van duurzame relocatieprojecten.
ERIKS gaf de opdracht aan Nnof om op zoek te gaan naar een nieuw pand. Er was nood aan een innovatieve werkomgeving, met meer plaats voor samenwerking én voldoende concentratiemogelijkheden.

Vanuit zijn vastgoedkennis en contacten vond Nnof het meest geschikte pand. In enkele maanden werd de relocatie uitgevoerd. De nieuwe stek biedt vandaag onderdak aan een 25-tal medewerkers op een oppervlakte van 300 m².

Nnof werkte daartoe in 5 stappen:

  1. behoeftenanalyse met de hulp van het hele team,
  2. ontwerp en look&feel,
  3. aanspreken en vergelijken van de meest geschikte aannemers,
  4. uitvoering van de verbouwwerkzaamheden binnen een tijdskader van 12 weken
  5. de verhuizing en inrichting van de nieuwe werkomgeving, via het zusterbedrijf Transmoove.

Het resultaat mag gezien worden : jong en warm, vrolijk en licht, met aandacht voor een gedempte akoestiek. Er is een juiste mix van openheid en samenwerken, in combinatie met voldoende uitwijk- en concentratiemogelijkheden.

Onderschat het belang van netjes onderhouden kantoren niet. Ze hebben zowel op medewerkers als klanten een positieve invloed. En dat komt uw bedrijf ten goede.

Is het niet aangenamer werken in een goed gepoetste ruimte, waar de burelen handig zijn ingericht en planten voor een fris accent zorgen?

Zorgt dat niet voor een klimaat waarin het personeel vlotter extra inspanningen doet? Bovendien wijst een mooi gepoetste ruimte ook op een goede hygiëne.

Maar ook bij klanten laat een net kantoor een betere indruk na. Wie wil uitblinken in zijn sector, neemt dat best ook letterlijk.

Met Care zorgen we al meer dan 45 jaar dat u hiervoor kunt terugvallen op bewezen expertise.

Heeft u hoofdpijn of raakt u geïrriteerd als u lange dagen klopt op kantoor? Het binnenklimaat in heel wat bedrijven is inderdaad niet optimaal.

Het Gentse TakeAir test nu een systeem om de binnenlucht te verrijken met organismes uit de natuur.

Heel wat kantoren worden erg goed geïsoleerd. Dat is positief voor de brandstofrekening, maar het verarmt het binnenklimaat.

Daarom probeert TakeAir een microbiële architectuur uit. Daarbij worden bacteriën in een reservoir geplaatst en vervolgens geïnjecteerd in de luchtregeling. Zo wordt bijvoorbeeld een bosgeur verspreid in het hele kantoorcomplex. Het is dan alsof het kantoor midden tussen de bomen staat, maar dan zonder pollen, muggen of bijen. Doel: een frissere omgeving en minder gezondheidsklachten.

Bent u van plan nieuwe kantoren te bouwen? Misschien kunt u ze gewoon uit een 3D-printer laten rollen. Daar is niet alleen minder mankracht voor nodig dan voor een klassiek bouwwerk, het laat toe om ook veel afval te besparen.
Inspiratie kunt u onder meer vinden in Dubai. Daar is wettelijk vastgelegd dat tegen 2030 elk nieuw gebouw voor minstens een kwart uit 3D-geprint materiaal moet bestaan.

Dat het kan, bewezen ze al. Al in 2016 werd er een heel kantoorgebouw van 250 m² mee gezet. Niet toevallig vond de Dubai Future Academy er onderdak. De eigenlijke productie gebeurde in China. Daar werden in 17 dagen 17 U-vormige modules van 17 m bij 3 m geprint. Na het transport ervan naar de werf duurde het slechts twee dagen om de ruwbouw te zetten, aanleg van nutsvoorzieningen incluis. Kostprijs: zowat 125.000 euro. Het printen van de bouw liet ook toe om de hoeveelheid bouwafval bij de constructie met 60% te verminderen.

Intussen worden ook elders in de wereld in de bouw testen uitgevoerd met een 3D-printer. Naast het kostprijsvoordeel en het vermijden van afval biedt dit ook de mogelijkheid om extremere vormen te gebruiken in de ontwerpen.

In eigen land werd in Kamp C, het innovatiecentrum voor innovatief en duurzaam bouwen in Westerlo, de grootste 3D-betonprinter van Europa geïnstalleerd. Hij moet aannemers inspireren om ermee aan de slag te gaan.

Daarbij wordt ook verder gezocht naar duurzame bouwmaterialen. Zo werd al gekeken naar geopolymeren om cement te vervangen in het te printen materiaal.