Ook de mode ontsnapt niet aan de trend tot hergebruik, al spreekt de sector liever van upcycling.

De Italiaanse ontwerper Giorgio Armani noemde begin dit jaar het ritme waarin nieuwe collecties worden gelanceerd crimineel. Het houdt het tempo waarin kleding veroudert erg hoog en het zorgt voor overstocks.

Zijn signaal wordt opgepikt. Zelfs door een luxefabrikant als Louis Vuitton. De herencollectie voorjaar-zomer 2021 telt 25 ontwerpen die vertrekken van oude kledij, die ‘upcycling’ ondergaan.

Ook kleinere producenten doen mee. Het Belgische Shake & Kai maakt kleding die voor 50% bestaat uit gerecycleerde katoen en voor de overige 50% uit polyester van gebruikte plastic flessen.

Weet u niet goed wat u moet aanvangen met uw oude stoelen? Misschien kunt u zich laten inspireren door de Facebook-pagina van Jamy Ivens uit Lokeren. Als wielerfan beschilderde hij ze in de kleuren van oude wielertenues.

Een bruin-zwart-witte stoel van Molteni? Een wit-bordeaux-exemplaar van Faema? Een geel-blauwe van IJsboerke?
De retrostoelen spreken liefhebbers van de koers zeker aan.

Ivens kwam op het idee toen hij oude caféstoelen op de kop kon tikken. Hij combineerde daarbij zijn passie met zijn opleiding als schilder-decorateur.

Misschien zet het u aan het denken en kan dit worden gecombineerd met de expertise van Nnof. Ze zijn het gewoon oud kantoormeubilair een nieuw leven te geven.

Heeft u hoofdpijn of raakt u geïrriteerd als u lange dagen klopt op kantoor? Het binnenklimaat in heel wat bedrijven is inderdaad niet optimaal.

Het Gentse TakeAir test nu een systeem om de binnenlucht te verrijken met organismes uit de natuur.

Heel wat kantoren worden erg goed geïsoleerd. Dat is positief voor de brandstofrekening, maar het verarmt het binnenklimaat.

Daarom probeert TakeAir een microbiële architectuur uit. Daarbij worden bacteriën in een reservoir geplaatst en vervolgens geïnjecteerd in de luchtregeling. Zo wordt bijvoorbeeld een bosgeur verspreid in het hele kantoorcomplex. Het is dan alsof het kantoor midden tussen de bomen staat, maar dan zonder pollen, muggen of bijen. Doel: een frissere omgeving en minder gezondheidsklachten.

Het Broeklin-project met maakwinkels dat onder de brug van Vilvoorde is gepland, wordt op applaus onthaald. Het is dan ook een heel ander concept dan het grote winkel- en belevingscentrum dat voorganger Uplace er wou neerpoten.

Broeklin wordt een wijk met maakwinkels – bijvoorbeeld een modewinkel gecombineerd met een naaiatelier – die de consument dichter bij het productieproces brengen. Bovendien ligt de klemtoon er op innovatie, duurzaamheid en circulariteit. Daarnaast komen er nog kantoren, opleidingscentra en horeca.

Het project kan op bijval rekenen. Bij Uplace was dat niet het geval. Dat kreeg kritiek voor de mobiliteitsproblemen die het zou veroorzaken en voor de concurrentie die het zou betekenen voor de winkels in de regio.

De nieuwe vestiging voor de middelbare afdeling van de Steinerschool in het centrum van Brussel werd deels met gerecycleerde materialen afgewerkt. Ze kwamen van de WTC II-werf aan het Noordstation.

Vastgoedeigenaar Befimmo bouwt de WTC I- en II- torens er om naar een complex met kantoren, hotel, horeca en handelszaken. Bij die operatie werd heel wat oud materiaal verwijderd. Een deel daarvan is naar Nnof gegaan voor de aanmaak van circulaire meubels, en een ander deel kreeg een bestemming in de nieuwe Steinerschool. Het ging onder meer om 120 meter kabelgoot, 60 TL- lampen, bijhorende elektriciteitskabels en palen voor het plaatsen van wanden.

De circulaire logica liet dus toe het afval op de werf proactief te verminderen. Het toevoegen van de verschillende levenscycli aan de levensloop van producten is immers essentieel in deze gedachtengang.