Alle overheden in ons land worden zich steeds meer bewust van het belang van de circulaire economie. Zowel de Vlaamse als de Waalse en de Brusselse regering besteden er in hun regeerakkoord aandacht aan. De Vlaamse overheid zegt zelf het goede voorbeeld te willen geven door bij openbare aanbestedingen circulaire voorrangsregels in te stellen. Ook stelt ze in haar regeerakkoord dat producten slimmer ontworpen moeten worden, zodat ze langer meegaan en makkelijker herstelbaar, herbruikbaar en recycleerbaar zijn. “We bevorderen herstelling van producten en hergebruik van onderdelen. Recyclage vormt de sluitsteen om alle grondstoffen maximaal te herwinnen”, heet het. Het Waalse regeerakkoord vermeldt dat de ontwikkeling van de circulaire economie een belangrijke as van de economische en industriële politiek moet zijn zodat ze een opportuniteit wordt voor het Waalse bedrijfsleven. Ook moet ze de overheid helpen om haar internationale engagementen op milieuvlak met een bijzondere aandacht voor het optimaal gebruik van grondstoffen na te komen. Het Brusselse regeerakkoord vindt het noodzakelijk om over te stappen van een lineair economisch model naar een circulair model. Daarom zegt de regering dat ze op basis van haar Strategie 2025 zal instaan voor de gecoördineerde sturing van het Gewestelijk Programma voor de Circulaire Economie (GPCE), het Hulpbronnen- en Afvalbeheerplan (HABP) en het industrieplan. Zij wil deze plannen ook verder versterken om onder meer de opkomst van nieuwe bedrijfstakken die grond- en afvalstoffen hergebruiken voor nuttige doeleinden te stimuleren.

De Vlaamse overheid is ervan overtuigd dat ze haar oud meubilair beter kan laten opwaarderen om het opnieuw te gebruiken in plaats van alles weg te gooien en volledig nieuw te bestellen. Of ze kan dergelijk gerefurbished meubilair ook extern inkopen. Ze sloot hiervoor twee raamcontracten met Nnof. Met de keuze voor een circulaire kantoorinrichting geeft het Facilitair Bedrijf van de Vlaamse overheid een zeer belangrijk signaal. Al haar diensten, inclusief die van de openbare instellingen en die van steden en gemeenten en OCMW’s, kunnen via de raamcontracten voor refurbishment kiezen. Daarbij worden zoveel mogelijk meubelen hergebruikt. Lukt dat niet, dan worden de goede onderdelen ervan gerecupereerd om er andere zaken mee te maken. Die keuze zorgt niet alleen voor milieuwinst, de overheid speelt er ook mee in op een maatschappelijke trend. De circulaire economie wordt de norm. Ze laat ook toe om authentiek te zijn. Nnof staat in voor de inventarisatie van wat beschikbaar is, het leveren van ideeën voor een refurbishment, het ontwerpen van het nieuwe interieur met de nodige functionaliteiten en gewenste look & feel, de uitvoering ter plaatse en de veranderbegeleiding. Daarbij wordt een maximaal circulair resultaat beoogd. Zes stappen worden overlopen. Wat verhuist 1 op 1? Wat zetten we na aanpassingen terug in? Wat gebruiken we als grondstof voor andere werkplekken? Wat kopen we nieuw aan? Wat verkopen we of schenken we weg? En wat voeren we af? Voor de uitvoering werkt Nnof met lokale mensen, onder wie sommigen met een sociale achterstand. Is het nodige materiaal niet in de eigen organisatie ter beschikking, dan kan de overheid standaardproducten van Nnof kopen. Elk traject wordt begeleid door een projectmanager van Nnof. Die zorgt ook voor een uitgebreide rapportering met de resultaten op het vlak van CO2-besparing.

Van 18 tot 20 november 2019 was België gastland voor de Hotspot van de circulaire economie. Gedurende die drie dagen liet ons land zien dat het een aantal bedrijven telt die leider zijn in dit domein. Tijdens een conferentie voor bedrijfsleiders stelde directeur Hans Bruyninckx van het Europees Milieuagentschap het rapport van zijn instelling over de circulaire economie voor. Hij had ook een boodschap: “De ambities en initiatieven van Europa’s circulaire economie zijn veelbelovend, maar ze staan nog in de kinderschoenen. Het is tijd om het tempo op te voeren van eerste stappen naar grote sprongen die onze niet-duurzame productie- en consumptiesystemen ingrijpend omvormen.”

Zoekt u nog een goed excuus om een fles wijn te openen? Misschien kunt u de recyclage en het nuttige hergebruik van uw kurk wel als argument inroepen.

In West-Vlaanderen zorgen de Milieufederatie en de vzw Vlaspit zelfs voor inzamelboxen. De kurken worden die ze inzamelen worden na sortering en vermaling hergebruikt voor de productie van kurken wandpanelen en vloeren. 

Kurk heeft belangrijke voordelen. Het is een goede thermische isolator. Ook heeft het een geluiddempende werking. 

De kurken kunnen ook in korrelvorm worden gebruikt als duurzaam opvulmiddel of als grondbedekkingsmateriaal in plantenkwekerijen. 

Klagen uw werknemers van geïrriteerde ogen? Hebben ze jeuk? Hoofdpijn? Pijn in de gewrichten? Een droge keel? Concentratieverlies? Misschien kampen ze met een kantoorziekte.

De kantoorziekte slaat op aandoeningen die gekoppeld zijn aan een slecht binnenklimaat op de werkplek. De lucht is te droog of te vochtig. Of hij kan schadelijke zaken bevatten. Diverse oorzaken zijn mogelijk. In gebouwen met veel beton kan radon worden verspreid. Of er kan formaldehyde uit spaanderplaten worden rondgeblazen. Of nog: chemische componenten uit schoonmaakmiddelen.

U kunt de kantoorziekte tegengaan door goed te verluchten, kiezen voor gezonde bouwelementen en te opteren voor de juiste schoonmaakproducten.

Denkt uw bedrijf eraan te verhuizen? Misschien neemt u ook de fiscale kosten mee in uw afweging. Een vestiging in Vlaanderen is dan doorgaans goedkoper dan een in Brussel of Wallonië.

Gebouwen behoren tot de zwaarst belaste goederen, weet het studiebureau Ayming. Het bracht in kaart hoeveel onroerende voorheffing u jaarlijks moet betalen in de diverse Belgische gemeenten.

Gemiddeld bedraagt de voorheffing 41,04% van het geïndexeerde kadastraal inkomen. Maar er zijn grote verschillen tussen de gewesten. In Vlaanderen ligt het gemiddelde op 28,75%, in Brussel op 50,08% en in Wallonië op 54,85%.

Wallonië wil de leiding nemen in de recyclage van plastic afval. Het gewest heeft zelfs de ambitie om Europees kampioen terzake te worden. Daarom worden tegen 2021 zes nieuwe verwerkingsinstallaties opgestart.

De problematiek van het plastic afval is genoegzaam bekend. Aangezien de meeste plastics niet biologisch afbreekbaar zijn, blijven ze in grotere of kleinere stukjes in het milieu rondcirkelen en belanden ze zo zelfs in de voedselketen.

Alleen al in Europa wordt jaarlijks 25 miljoen ton plastic afval geproduceerd. Tot nog toe kon een belangrijk deel worden uitgevoerd naar China, maar dat land is niet langer happig om het nog af te nemen.

Europa wil dan ook iets doen aan de gigantische troep. Tegen 2030 wil het dat 30 procent van de plastic verpakkingen worden gerecycleerd.

Wallonië speelt hier nu op in. Tegen 2021 moeten in zes nieuwe fabrieken verpakkingsfilms, flessen, isolatieschuimen en elektrisch afval worden verwerkt. De projecten kwamen tot stand na een publieke oproep van de Waalse overheid. Van de 25 ingediende voorstellen, werden er uiteindelijk zes geselecteerd. 

De geselecteerde projecten hebben een totale recyclagecapaciteit van 156.000 ton plastic afval per jaar. De aanvoer ervan moet zowel uit België als uit het buitenland komen. In België wordt jaarlijks naar schatting 200.000 ton plastic afval bijeengebracht via selectieve inzameling.

De initiatieven hebben naast een ecologisch, ook een economisch rendement. Ze creëren op termijn 350 nieuwe jobs.

Op zoek naar creatief talent voor uw onderneming?

Onderschat dan de aanblik van uw kantoren niet. Zij zijn uw visitekaartje. Niet alleen voor de eigen medewerkers en klanten, maar ook voor potentiële sollicitanten.

Talenten hebben vandaag vaak de keuze waar ze aan de slag kunnen. Het is dus een opgave om hen te verleiden. Een aangename karaktervolle werkplek, goede faciliteiten en moderne technologieën kunnen daarbij helpen.

Hetzelfde geldt om mensen te behouden. Misschien moet u eens tijd maken om te denken aan een evolutie in uw kantoorconcept. Ook hier geldt dat alles eens opnieuw onder de loep nemen en eens goed opschudden, nieuwe energie geeft.

Weg met de donkere winter, welkom aan de lente met haar frisse geuren. In huis doen we dat met een grondige lenteschoonmaak. Waarom dan ook niet op kantoor?

Aan de basis van het jaarlijkse ritueel ligt het wegpoetsen van het roet- en stoflaagje dat zich tijdens de winter vormde door het stoken met hout en kolen. Hoewel die situatie veranderd is, houden we er nog steeds aan vast. En waarom zouden we dat ook niet op kantoor doen? De voordelen zijn ook hier legio. Het is gezonder. Het is veel aangenamer voor uzelf, uw collega’s en uw bezoekers. En u zal productiever werken. Gedaan met zoeken als straks alles weer op de juiste plaats staat.

Zowel de Vlaamse als de Waalse overheid zetten de zeilen bij in de overgang naar een circulaire economie. Het kan ook niet anders. Willen we de wereld leefbaar houden, moeten we er voor zorgen dat grondstoffen niet telkens opnieuw uit de aarde worden gehaald, maar maximaal in de economie blijven.

In Vlaanderen is de transitie naar een meer circulaire economie als een van de zeven prioriteiten opgenomen in Visie 2050, dat over de grenzen van de beleidsdomeinen heen een langetermijndoel uittekent.

Onder de noemer Vlaanderen Circulair richtte de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij deze cel op om de transitie te begeleiden. Ze ondersteunt het opbouwen van partnerschappen en gedeeld eigenaarschap. Ook bundelt ze kennis en geeft ze gerichte beleidsrelevante onderzoeksopdrachten. En ze stimuleert innovatie en ondernemerschap richting circulaire economie.

Ook in Wallonië staat de tijd niet stil. Parlementsleden van diverse partijen maakten samen met de Koning Boudewijnstichting een rapport, waarin ze het belang van de circulaire economie beklemtoonden. De transitie moet tegen 2030 de behoefte aan primaire grondstoffen met 30 procent verlagen en de uitstoot van CO2 met de helft verminderen. Bovendien kan een omschakeling op korte termijn voor 36.000 nieuwe jobs zorgen, in België alleen.

Om de overgang te versnellen, pleiten de auteurs voor een Minister voor Circulaire Economie, voor het stimuleren van de aankoop van circulaire goederen door de overheid en voor het samenbrengen van de diverse actoren die betrokken zijn bij het circulair ondernemerschap.